NEE!!!

Over nee zeggen en hoe lastig dat kan zijn.

Nee zeggen, ik doe het niet graag en niet vaak. Ik hoor je nu denken: “Dat is handig als je Innovatie Booster bent en vaak in de ja-en-stand moet staan!” En dat is natuurlijk ook wel zo, maar mijn enthousiasme voor innovatie is niet de reden waarom ik nee zeggen zo lastig vind. Ik ben zo iemand die graag aardig gevonden wil worden. Door iedereen. En liefst altijd! Ik wil het gewoon iedereen graag naar de zin maken en iedereen te vriend houden. En dat laatste soms zelfs ten koste van mijzelf. Denk aan ja zeggen tegen een uitje terwijl je de volgende dag bizar vroeg op moet. Maar ja, anders ben je de enige die niet kan en moet het uitje, omdat jij niet wil, verschoven worden…

En nee, dat is niet handig kan ik je vertellen. Dat heb ik in het verleden wel vaker gemerkt. Het altijd anderen naar de zin willen maken, wat natuurlijk nooit lukt, leidde al jong tot problemen. Maar een depressie en een burn-out verder heb ik wel geleerd dat nee zeggen nou eenmaal onderdeel is van het leven. En gelukkig: “oefening baart kunst.” Maar ik blijf een drempel ervaren als het woordje -nee- weer in mijn vizier komt. Waarom eigenlijk?

Op internet is er genoeg te vinden over waarom -nee- zeggen zo lastig is. Zo wil je mensen misschien niet teleurstellen, sta je misschien onder druk van vrienden, familie of collega’s of levert de -nee- je op korte termijn niets fijns op, terwijl -ja- je wel onmiddellijk iets oplevert. Een bak met heerlijke bak met Macadamia ijs bijvoorbeeld. Of misschien beter herkenbaar voor een aantal van jullie: een toffe (innovatie)sessie!

En dat toegeven aan de korte termijnbehoefte aan voldoening herken ik bij veel Ynnovators na de Ynnovate Training. Je hebt iets geleerd wat je mega tof vindt en graag in de praktijk wil brengen. Toch waarschuwen wij je tijdens de training al: zeg alleen maar ja als het een vraagstuk is wat écht vraagt om een innovatieve oplossing, de opdrachtgever aan de 4 (5) B’s voldoet en de groepssamenstelling optimaal is.

Dat betekent dus regelmatig nee zeggen omdat niet aan de bovenstaande randvoorwaarden voor succesvolle innovatie wordt voldaan. Of misschien ja zeggen als je denkt dat je de risico’s kunt accepteren en minimaliseren. De ideale situatie bereik je tenslotte bijna nooit. Je ziet het, daar ga ik toch al zoeken naar een manier waarop ik kan verantwoorden dat ik -ja- kan zeggen en daarmee de -nee- kan ontwijken. Echt, Elastigirl van De Incredibles is zo stijf als een plank vergeleken met mij als het woordje nee in mijn buurt komt… Toch is nee zeggen in een aantal gevallen echt veel krachtiger.

“Op z’n goed oud Hollands: Hell No!”

Zo kreeg ik afgelopen zomer een mailtje: of we de Management Innovatie Game of een variant daarvan in een uurtje konden geven. Mijn instinctieve reactie? “NEE!” En dan niet alleen gewoon “nee”, maar op z’n goed oud Hollands: “Hell No!” De Innovatie Game duurt immers zonder uitleg en reflectie al bijna een uur, en dan heb je er als groep nog niets van geleerd en is er dus wat ons betreft onvoldoende resultaat. En omdat we resultaat hoog in het vaandel hebben staan is de Innovatie Game in een uurtje geen optie.

 Maar wat was de reden achter deze vraag? Toch maar even in de telefoon klimmen. Wel met het spreekwoordelijke zweet in mijn handen. In het ergste geval moest ik, die liever geen -nee- zegt en het altijd iedereen naar de zin wil maken, telefonisch toch echt -nee- verkopen. En al mijn collega’s waren met vakantie, dus het klusje afschuiven kon ook niet.

Dapper pakte ik de telefoon op en ging het gesprek aan. De -nee- op een Management Innovatie Game was redelijk snel gegeven en viel ook goed uit te leggen. De argumenten tijd en resultaat zoals eerder omschreven kon ik gelukkig goed onder woorden brengen. Hoe fijn is dat! Al snel had ik geregeld dat de tijd van een uur opgerekt kon worden naar anderhalf uur. Heel fijn omdat me dat meer mogelijkheden gaf om te helpen.

Maar al brainstormend aan de telefoon kwam mijn onderbuik in opstand! Ik kon best een braindump en een keuzerondje doen in die tijd. Maar hoe zat het met het creëren van een veilige setting? En een stukje theorie over patronen en idee-killers? En de terugkoppeling en borgen van de follow-up dan? Daar zou ik allemaal geen tijd voor hebben.

Voordat ik het door had, hoorde ik mijzelf zeggen: “Sorry, maar terwijl ik zo met je aan het praten ben, kom ik erachter dat het toch beter is om het niet te doen. Ik vind het resultaat wat we hier naar alle waarschijnlijkheid mee zullen halen onvoldoende om jullie mee op weg te willen sturen. Dat is zonde van jullie tijd. Als ik iets doe, dan wil ik er graag helemaal achter staan en dat is nu niet het geval. Sorry, ik kan jullie die middag niet helpen, maar wel op een andere manier op een ander moment.”

“Dat de oren van de vliegende olifant Dombo in de knoop raken”

Terwijl ik nog niet uitgesproken was, schoot ik al in de stress: “Wat zeg ik nu?” Sommigen van jullie kennen dat gevoel misschien wel: dat de oren van de vliegende olifant Dombo in de knoop raken, hij uit de lucht tuimelt en uiteraard precies op jouw borstkas ploft. *Oef* De adem word je ontnomen en ook alles wat je nog wilde zeggen was je met de landing van Dombo ontschoten. Gelukkig duurde dat moment maar een fractie van een seconde en zat het vooral tussen mijn oren.

Maar ja, ik had wel de heilige overtuiging dat deze -nee- het enige juiste antwoord was. Ik heb mijn antwoord kort toegelicht en geschetst wat we eventueel wel konden bieden op een ander moment met meer tijd. De ontvanger van de boodschap vond dit natuurlijk jammer, maar begreep het wel. Ik zou in de mail nog wat meer informatie aanleveren over hoe ik dacht dat we wel konden helpen.

Om een lang verhaal iets minder lang te maken: ongeveer een week na het sturen van de betreffende mail zat ik bij de betreffende organisatie aan tafel voor een intake. En inmiddels hebben we een hele toffe opdracht om met alle lagen in de betreffende organisatie aan de slag te gaan met innovatie! Kortom van -Nee!- naar -Jeej!-. Een typisch “Ik-ben-zo-trots-als-een-Dombo-die-eindelijk-goed-kan-vliegen!-moment”.

 

Drie dingen die nee zeggen (voor mij) gemakkelijker maken
Maar wat maakte nou dat mijn -nee- eigenlijk als vanzelf kwam en in goede aarde viel? Sterker nog, mijn -nee- leek juist gewaardeerd te worden! Ik zie hierbij drie factoren die in dit geval mij heel erg hielpen om -nee- te zeggen:

  • Mijn oprechte kennis van – en overtuiging over de waarde van de Ynnovate-Methode met alle voorwaarden die daarbij horen. Ja, de kennismaking en de creatieve theorie zijn echt belangrijk…
  • Mijn wens om mensen en organisaties écht te helpen en kwaliteit te leveren, niet persé op die korte termijn, maar juist op de lange termijn. Het was een -nee- voor het gemailde verzoek, maar geen -nee- op de hulpvraag…
  • En het delen van mijn denkproces met de vraagsteller. Het werd ineens heel duidelijk waarom ik ervoor koos om -nee- te zeggen. Misschien best eng en kwetsbaar, maar tegelijk ook super krachtig…

“Van niveau Eiffeltoren naar niveau Euromast ofzo…”

En wat blijkt? Deze drie factoren, of eigenlijk principes, zijn eigenlijk toepasbaar in de meeste situaties die een -nee- nodig hebben. Ik vervang gewoon de woorden -Ynnovate-Methode-, -mensen en organisaties- en -vraagsteller- voor woorden die op dat moment van toepassing zijn. En het fijne is: met deze basis blijkt dat de drempel voor nee zeggen iets minder hoog wordt. Van niveau Eiffeltoren (324m) naar niveau Euromast (185m) ofzo… Ik durf zelfs wel te beweren dat -nee- zeggen loont! Niet alleen voorkomt het dat ik cognitieve dissonantie ervaar, maar ook lijkt het principe “ Zeg maar nee, dan krijg je er twee” te kloppen. Want uiteindelijk levert het op deze manier -nee- zeggen mij en mijn omgeving altijd meer op dan een -ja- had opgeleverd.

Herkennen jullie het ook? Dat je nee zeggen lastig vindt? En hoe los jij het op? Wat zijn de principes of mantra’s die jou helpen? En heb jij -nee- zeggen nooit lastig gevonden? Wat zou jij mij (en andere lezers) als tip(s) mee geven?

 

About Inge van Dijk

Inge is Ynnovator sinds 2012 en sinds 2016 full-time aan de slag voor Ynnovate. Daarvoor was ze werkzaam voor de RDW als Business Analist. Haar kracht ligt in “anders dan anders” en “verbinden”: Voor ieder doel de juiste, bij voorkeur originele, werkvorm kiezen waarbij ze graag technieken combineert. Daarbij probeert ze de juiste mensen in verrassende combinaties bij elkaar brengen en prikkelen om uit patronen te breken. Bij Ynnovate combineert ze haar liefde voor kennisdeling en innovatie tijdens het geven van trainingen en het begeleiden van sessies.
This entry was posted in Blogpagina. Bookmark the permalink.

Comments are closed.