Sociale innovatie: vernieuwing, creativiteit en slimmer organiseren

Als je denkt aan innovatie, dan denk je waarschijnlijk vooral aan technologische innovatie. Een gemiste kans, want de menselijke kant van innovatie is net zo impactvol. Die kant noemen we sociale innovatie. Bij uitstek een thema voor vernieuwers, veranderaars, dwarskijkers en Ynnovators!

Jaarlijks wordt door de Erasmus Universiteit het innovatieklimaat in Nederland in kaart gebracht met behulp van de Concurrentie- en Innovatiemonitor. Uit deze Innovatiemonitor blijkt dat het innovatiesucces in Nederland voor een kwart uit technologische innovaties bestaat en voor driekwart uit sociale innovaties. Wil je meer weten over sociale innovatie? Hieronder wordt de basis kort uitgelegd.

 

Wanneer is iets innovatief?

Innoveren betekent letterlijk vernieuwen. Maar ‘iets nieuws’ bedenken is niet meteen innovatief. Het is pas een innovatie wanneer een idee succesvol is en ons werk of gedrag ook echt beïnvloedt. Bij vernieuwing draait het om het doorbreken van bestaande patronen en het creëren van nieuwe patronen. De innovatie zit dan in de nieuwe wijze van samenwerken. Innovatie ontstaat daar waar mensen durven dromen over de toekomst.

 

Wat is sociale innovatie?

Sociale innovatie is een relatief nieuw begrip. Er is nog niet echt een eenduidige definitie. Het komt meestal neer op slimmer en flexibeler organiseren. In een artikel in het Tijdschrift voor HRM (2019) maken Henk Volberda, Justin Jansen, Michiel Tempelaar en Kevin Heij het concreter: “Sociale innovatie is het ontwikkelen van nieuwe managementvaardigheden (dynamisch managen), het hanteren van flexibele organisatieprincipes (flexibel organiseren) en het realiseren van hoogwaardige arbeidsvormen (slimmer werken) om het concurrentievermogen en de productiviteit te verhogen.”

Sociale innovatie in organisaties gaat volgens hen dus over de ontwikkeling en toepassing van vernieuwingen in ons functioneren, gericht op zo optimaal mogelijke prestaties, het versterken van het aanpassingsvermogen van de organisatie én dat in een prettig werkklimaat. Door het potentieel – de kennis, vaardigheden, inzetbaarheid en creativiteit van medewerkers – maximaal te ontwikkelen en te benutten. Dit klinkt allemaal nog best abstract. Laten we het wat concreter maken.

 

Hoe herken je sociale innovatie op de werkvloer?

Organisaties die zich bezighouden met sociale innovatie hebben een aantal gemeenschappelijke kenmerken:

  1. De organisatie maakt optimaal gebruik  van de aanwezige kennis en kunde door (horizontale) teams te vormen van mensen met verschillende expertises en talenten. Medewerkers worden ingezet daar waar ze goed in zijn. Dit beïnvloedt hun bevlogenheid en betrokkenheid vaak positief.
  2. Er wordt echt een individueel beroep gedaan op ondernemerschap, creativiteit, lerend vermogen, lef, kritisch durven kijken, nieuwsgierigheid en openstaan voor andere ideeën.
  3. Er wordt samen gezocht naar oplossingen die de organisatieprestaties verbeteren. De verantwoordelijkheid ligt veel meer bij de collega’s zelf. Leidinggevenden vervullen een coachende rol. Soms wordt er zelfs gesproken over ‘zelfsturende teams’. Het vertrouwen tussen leidinggevende en medewerkers groeit doordat ze beter in gesprek zijn over de toekomst van de organisatie.
  4. Er wordt meer én slimmer  samengewerkt met externe partijen aan hardnekkige of ‘wicked’ problemen.

 

10 praktische tips om sociale innovatie te stimuleren

Wil je sociale innovatie een kans geven in jouw organisatie? Het helpt als je onderstaande zaken kunt regelen:

  • Zorg voor een innovatiecultuur waarin iedere medewerker wordt uitgedaagd om met vernieuwing aan de slag te gaan. Een cultuur waarin wordt aangemoedigd én beloond om te experimenteren, te ervaren en nieuwe uitdagingen aan te gaan. Sociale innovatie betekent nu eenmaal uit je comfortzone stappen. Je moet kaders durven loslaten en kansen pakken.
  • Om het innovatief vermogen van de organisatie te kunnen vergroten, is het cruciaal dat er collectieve bereidheid is om sneller, efficiënter en consistenter te leren van ‘fouten’. Als je elk experiment, geslaagd of niet, beschouwt als een succes, versterk je daarmee de innovatiekracht van de medewerkers.
  • Innoveren vraagt investeringen op het vlak van geld en tijd. Helemaal als je bedenkt dat innoveren nu eenmaal samen gaat met experimenten die kunnen mislukken.
  • Zorg dat er allerlei mogelijkheden zijn voor medewerkers om hun ideeën te aandragen. Denk daarbij aan professionele vormen van medezeggenschap, denktanks, participatietrajecten of een (digitaal) platform voor het verzamelen, evalueren en selecteren van de beste ideeën.
  • Kies niet voor één innovatiemanager. Zo voelt de rest van de organisatie zich niet verantwoordelijk. Sociale innovatie gaat juist over het betrekken van medewerkers.
  • Delegeer waar mogelijk en beleg verantwoordelijkheden zo laag mogelijk. Doe een beroep op de zelfstandigheid en het ondernemerschap van je collega’s om patronen te doorbreken.
  • Laat multidisciplinaire teams ontstaan waar medewerkers vanuit hun specialisme bijdragen aan vernieuwing.
  • Sociale innovatie vraagt om een stijl van leidinggeven en organiseren met meer ruimte voor initiatieven, experimenten, anders kijken en leren. Faciliterend leiderschap. Het is de kunst om mensen die goede ideeën hebben te steunen, oftewel zorgen dat je de goede ideeën kunt herkennen en helpen bij het uitwerken daarvan. Het draait om het managen van het potentieel, op basis van vertrouwen.
  • Sociale innovatie gedijt het beste in een krachtig en stimulerend ecosysteem waar ruimte is voor vernieuwing. Een ecosysteem is een soort infrastructuur die de samenwerking tussen alle partijen betrokken bij een vraagstuk vergemakkelijkt en faciliteert. Een ecosysteem kan partijen stimuleren om te doen wat nodig is om te komen tot de gewenste vernieuwing, maar kan dit ook tegenwerken. Zo is er binnen een behoudende context minder ruimte voor sociale innovatie, dan binnen een vooruitstrevende context waarin experimenten juist wordt gestimuleerd.
  • Organiseer slimmere manieren van samenwerken zoals ‘broedplaatsen’ waarin mensen van verschillende organisaties elkaar kunnen treffen en over organisatiegrenzen heen producten of diensten kunnen ontwikkelen.

Het is een flinke lijst maar vergeet niet: denk groot, begin klein!

About Monique Roelfsema

Monique werkt bij de politie als beleidsadviseur. En sinds 2019 is ze Ynnovator. Monique bruist van de energie om nieuwe manieren van werken en meer creativiteit te stimuleren binnen én buiten haar organisatie. Daarom blogt zij regelmatig over activerende werkvormen, over hoe je simpel en makkelijk leesbaar beleid schrijft en over hoe je dit goed overbrengt aan je publiek.
This entry was posted in Blogpagina. Bookmark the permalink.

Comments are closed.